direct naar inhoud van 4.12 Archeologie en cultuurhistorie
Plan: Loerik III Noord
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0321.0320LOERIK3NRD-ONTW

4.12 Archeologie en cultuurhistorie

Wet op de archeologische monumentenzorg

Op 1 september 2007 is de Wet op de archeologische monumentenzorg in werking getreden. Hiermee worden de uitgangspunten van het Verdrag van Malta binnen de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd. De wet regelt de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem, de inpassing ervan in de ruimtelijke ontwikkeling en de financiering van opgravingen: 'de veroorzaker betaalt'.

Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar reële verwachtingen bestaan dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn, dient door een initiatiefnemer voorafgaand aan bodemingrepen archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. De uitkomsten van het archeologisch onderzoek dienen vervolgens volwaardig in de belangenafweging te worden betrokken. Het belangrijkste doel is de bescherming van archeologische resten in de bodem (in situ) omdat de bodem doorgaans de beste garantie biedt voor een goede conservering. Er wordt uitgegaan van het basisprincipe de 'verstoorder betaalt' voor het opgraven en het documenteren van de aangetroffen waarden als behoud in de bodem niet tot de mogelijkheden behoort.

Beleidskaart archeologie Houten

Het plangebied valt niet onder het paraplubestemmingsplan archeologie. Het plangebied kent een lage tot geen archeologische verwachtingswaarde. Dit betekent dat er geen archeologisch onderzoek behoeft te worden uitgevoerd.
Eventuele vondsten gedaan tijdens werkzaamheden, vallen wel onder de meldingsplicht zoals vastgelegd in artikel 53 van de Monumentenwet 1988.

Cultuurhistorie

Op basis van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moeten cultuurhistorische waarden expliciet worden betrokken bij de vaststelling van een bestemmingsplan. Voor zover er sprake is van cultuurhistorische waarden in de grond (archeologische verwachtingswaarden), wordt verwezen naar de alinea's hiervoor. Het plangebied maakt onderdeel uit van een gehele nieuwe woonwijk die vanaf 1999 is gerealiseerd. In het plangebied en de directe omgeving zijn geen cultuurhistorisch waardevolle elementen aanwezig waarmee rekening moet worden gehouden bij de vaststelling van dit bestemmingsplan.